De leesvolgorde
| Nr. | Titel | Jaar | Prijs indicatief | Waar te koop |
|---|---|---|---|---|
| 1 | 1900 | € 17,59 | Bekijk bij bol.com | |
| 2 | 1904 | € 9,00 | Bekijk bij bol.com | |
| 3 |
Ozma of Oz € 9,00 Bekijk bij bol.com
|
1907 | € 9,00 | Bekijk bij bol.com |
| 4 | 1908 | € 8,00 | Bekijk bij bol.com | |
| 5 |
The Road to Oz € 7,00 Bekijk bij bol.com
|
1909 | € 7,00 | Bekijk bij bol.com |
| 6 | 1910 | € 6,48 | Bekijk bij bol.com | |
| 7 | 1913 | € 8,00 | Bekijk bij bol.com | |
| 8 |
Tik-Tok of Oz € 4,64 Bekijk bij bol.com
|
1914 | € 4,64 | Bekijk bij bol.com |
| 9 | 1915 | € 8,00 | Bekijk bij bol.com | |
| 10 | 1916 | € 9,50 | Bekijk bij bol.com | |
| 11 | 1917 | € 7,00 | Bekijk bij bol.com | |
| 12 | 1918 | € 7,00 | Bekijk bij bol.com | |
| 13 | 1919 | € 7,00 | Bekijk bij bol.com | |
| 14 |
Glinda of Oz € 7,00 Bekijk bij bol.com
|
1920 | € 7,00 | Bekijk bij bol.com |
Lees in de volgorde van verschijnen. Deel 2 heeft een nieuwe hoofdpersoon, de jongen Tip; Dorothy keert terug in deel 3. Baum bedoelde The Emerald City of Oz (1910) als laatste deel, maar ging in 1913 toch verder met The Patchwork Girl of Oz.
Prijzen zijn indicatief: zo stonden ze op 13 oktober 2026 bij bol.com. Prijzen veranderen vaak; de prijs bij bol.com is leidend. De links naar bol.com zijn affiliate-links: koop je via zo'n link, dan krijgen wij een kleine vergoeding. Jij betaalt niets extra.
Rond de reeks
De Famous Forty
Na Baums dood liet uitgeverij Reilly & Lee de reeks doorgaan. Ruth Plumly Thompson schreef vanaf 1921 negentien Oz-boeken, daarna volgden nog zeven van andere schrijvers. Samen met Baums veertien heten ze de Famous Forty.
Little Wizard Stories of Oz
Zes korte verhalen van Baum met de bekende Oz-personages, uit 1913. Een goede kennismaking voor jonge lezers, geen deel van de reeks.
The Wizard of Oz
De beroemde film uit 1939, naar het eerste boek. De film wijkt op veel punten af van Baums verhaal.
Over L. Frank Baum
Lyman Frank Baum (1856–1919) werd geboren in Chittenango in de staat New York. Voor hij schrijver werd, was hij onder meer toneelproducent, winkelier en krantenredacteur in Aberdeen (South Dakota). In Chicago werkte hij als verslaggever en begon hij kinderboeken te schrijven; daar verscheen in 1900 het eerste Oz-boek.
Naast de veertien Oz-boeken schreef Baum ruim veertig andere romans, tientallen verhalen en honderden gedichten. Hij probeerde zijn werk ook naar toneel en film te brengen. De bekendste verfilming kwam twintig jaar na zijn dood: The Wizard of Oz uit 1939.
Waar gaat elk deel over?
Geen spoilers over het deel zelf. Een samenvatting kan wel verwijzen naar wat in eerdere delen gebeurde, dus lees ze op volgorde.
1 · The Wonderful Wizard of Oz
Een wervelwind tilt het boerderijtje van Dorothy Gale van de prairie in Kansas en zet het neer in een land dat op geen enkele kaart staat. Dorothy woont bij haar oom Henry en tante Em, en als de storm opsteekt kan ze net op tijd met haar hondje Toto naar binnen rennen. Wanneer ze de deur weer opendoet, kijkt ze uit over het Munchkinland: felgekleurde bloemen, kleine mensen in het blauw en een weg die met gele stenen is geplaveid.
De Munchkins zijn opgetogen, want het neergekomen huis heeft de Boze Heks van het Oosten verpletterd, die hen jarenlang aan het werk hield. De Goede Heks van het Noorden geeft Dorothy de zilveren schoenen van de verslagen heks en drukt een kus op haar voorhoofd die haar tegen onheil beschermt. Op de enige vraag die Dorothy echt bezighoudt, hoe ze ooit thuiskomt, heeft niemand een eenvoudig antwoord. Het advies luidt: volg de gele weg naar de Smaragdstad en vraag daar de grote tovenaar Oz om hulp.
Onderweg krijgt ze gezelschap. Ze haalt een Vogelverschrikker van zijn paal, die hersens wil omdat hij zichzelf dom vindt. Ze giet olie op de verroeste gewrichten van een Blikken Houthakker, die een hart mist en bang is dat hij daarom niemand kan liefhebben. En ze stelt een Laffe Leeuw gerust die hard brult maar bij het minste geritsel schrikt en niets liever wil dan moed. Alle drie hopen ze dat de tovenaar hun kan geven wat ze menen te missen, dus reizen ze met Dorothy mee. Het gezelschap komt langs modderpoelen, een kloof, een veld van klaprozen en dieren die kunnen praten.
In de Smaragdstad krijgen de bezoekers een groene bril op voor ze naar binnen mogen. De tovenaar ontvangt hen apart en vertoont zich aan ieder van hen in een andere gedaante: een reusachtig hoofd, een mooie dame, een woest beest, een bol van vuur. Zijn antwoord is voor alle vier hetzelfde. Hij helpt hen pas als zij de Boze Heks van het Westen uit de weg ruimen, die over het Winkieland heerst en die nog nooit door iemand is verslagen.
De heks ziet het viertal met haar ene verrekijkeroog aankomen en stuurt achtereenvolgens wolven, kraaien, bijen en haar slaven op hen af. Ze bewaart haar sterkste wapen, de gevleugelde apen, voor het laatst. Wat daarna volgt, en wat er werkelijk schuilgaat achter de macht van de tovenaar, laat Baum zijn lezers zelf ontdekken.
Het boek verscheen in 1900 met tekeningen van W.W. Denslow en groeide uit tot een van de bekendste Amerikaanse kinderboeken. Wie de verfilming uit 1939 kent, merkt verschillen op: in het boek zijn de schoenen zilver, niet robijnrood, en het land Oz is een plek waar Dorothy blijft terugkeren in de dertien delen die volgden. De toon is licht en de gevaren blijven overzichtelijk, maar de vragen over verstand, gevoel en moed lopen door het hele verhaal heen.
2 · The Marvelous Land of Oz
Het tweede Oz-boek uit 1904 speelt kort na het vertrek van Dorothy naar Kansas en zet een nieuwe hoofdpersoon centraal: de jongen Tip. Hij groeit op in het Gillikinland, het noordelijke deel van Oz, onder de hoede van de oude heks Mombi, die hem slecht behandelt en hem laat sloven. Van zijn ouders weet hij niets.
Tip bedenkt een wraakactie. Hij timmert een pop in elkaar van takken, oude kleren en een uitgeholde pompoen als hoofd, zet die langs de weg en noemt hem Jack Pumpkinhead, in de hoop Mombi de stuipen op het lijf te jagen. De heks trapt er niet in. Ze heeft juist een Levenspoeder in huis waarmee ze levenloze dingen kan laten bewegen, en ze dreigt Tip in een marmeren beeld te veranderen. Die nacht vlucht hij met de nu levende Jack en met het gestolen poeder. Onderweg brengt hij ook een houten Zaagpaard tot leven, dat zo hard rent dat Tip zijn eigen reisgezel kwijtraakt.
In de Smaragdstad heerst inmiddels de Vogelverschrikker, die na het vertrek van de tovenaar op de troon is gezet. Lang blijft hij daar niet rustig zitten. Generaal Jinjur trekt met een leger meisjes, gewapend met breinaalden, naar de hoofdstad en neemt het paleis in. De Vogelverschrikker, Tip, Jack en het Zaagpaard ontsnappen en zoeken hulp bij de Blikken Houthakker, die sinds het eerste deel over het Winkieland regeert. Onderweg sluit de Woggle-Bug zich aan, een insect dat door een vergrootglas enorm is uitgegroeid en zichzelf uitzonderlijk geleerd vindt.
De poging om de stad te heroveren loopt anders dan gehoopt, en het gezelschap moet uiteindelijk vliegen: uit twee banken, palmbladeren en een opgezette Gump-kop bouwen ze een luchtvaartuig dat met het Levenspoeder wordt bezield, maar niet te sturen blijkt. De reis eindigt bij Glinda, de Goede Heks van het zuiden. Van haar horen ze iets wat de hele machtsvraag op zijn kop zet: lang voor de tovenaar kwam, had Oz een koning, en diens dochter Ozma is spoorloos verdwenen. Zij is de rechtmatige heerser van het land, en de zoektocht naar haar bepaalt de rest van het boek.
Baum schreef dit deel deels als vervolg op het toneelsucces van zijn eerste Oz-verhaal, en het boek heeft daardoor veel komische scènes en woordgrappen. Het is ook het deel waarin de reeks haar vaste illustrator kreeg, John R. Neill, die alle volgende Oz-boeken zou tekenen. Tegelijk zit er een scherpe ondertoon in: het meisjesleger van Jinjur was een speelse verwijzing naar de strijd voor vrouwenkiesrecht, een onderwerp dat in Baums eigen familie leefde. Wie de reeks in volgorde leest, ziet hier de vaste bewoners van Oz op hun plaats vallen. Aan het slot van het boek krijgt ieder personage een eigen plek: Jack Pumpkinhead, het Zaagpaard en de Woggle-Bug blijven alle drie in de reeks rondlopen, de een als tuinman van zijn eigen pompoenveld, de ander als rijdier, de derde als zelfbenoemd hoogleraar. Baum schreef het deel oorspronkelijk met een toneelbewerking in het achterhoofd, wat de vele komische wisselingen verklaart.
3 · Ozma of Oz
Dorothy vaart met oom Henry naar Australië wanneer een storm haar overboord slaat. Ze klampt zich vast aan een drijvend kippenhok en spoelt aan op een onbekende kust, in gezelschap van een kip die tot haar verbazing kan praten. Dorothy noemt haar Billina, en samen verkennen ze het vreemde land waarin ze zijn beland.
Dat land heet Ev en er klopt weinig. De twee worden achternagezeten door de Wheelers, wezens met wielen in plaats van handen en voeten, die veel lawaai maken maar weinig kunnen uitrichten. In een rotsholte vinden ze Tik-Tok, een koperen machinemens die loopt, denkt en praat zolang je hem opwindt, en die zich bij hen aansluit. Van hem horen ze hoe het met Ev gesteld is: de koninklijke familie is door de koning aan de Nomenkoning verkocht en de troon staat leeg. Wat rest is prinses Langwidere, die dertig verwisselbare hoofden in een kast bewaart en per dag kiest welk humeur ze opzet. Als Dorothy weigert haar eigen hoofd af te staan, verdwijnt ze in een torenkamer.
Hulp komt van de andere kant van de Dodelijke Woestijn. Ozma, inmiddels heerseres van Oz, trekt met haar hofhouding naar Ev om de gevangen koninklijke familie te bevrijden, en onder haar gezelschap zijn bekenden als de Vogelverschrikker, de Blikken Houthakker, de Laffe Leeuw en de Hongerige Tijger. Ozma laat Dorothy vrij en neemt haar mee op de tocht naar het ondergrondse rijk van de Nomen.
Daar wacht geen gevecht maar een spel. De Nomenkoning heeft de leden van de koninklijke familie in sieraden en snuisterijen veranderd en verstopt tussen duizenden andere voorwerpen in zijn schatkamers. Wie naar binnen gaat mag raden welk voorwerp een betoverd mens is; wie verkeerd gokt, wordt zelf een sieraad. De koning laat zijn bezoekers een voor een naar binnen, zeker van zijn zaak, want hij put zijn kracht uit een magische Gordel die hij altijd draagt. Dat Billina op een onbewaakt moment meeluistert terwijl hij met een van zijn onderdanen praat, blijkt van meer belang dan iemand vermoedt.
Dit is het eerste Oz-boek waarin het grootste deel van het verhaal buiten Oz zelf speelt. Oz is hier niet langer het gevaarlijke land waar Dorothy uit weg wil, maar de veilige plek waar ze naartoe reist. Het boek introduceert Tik-Tok, een van de vroegste denkende machines in de literatuur, en Billina, die zich met haar nuchtere praatjes als een van de aardigste personages van de reeks ontpopt. Baum gebruikte de opzet later opnieuw voor het toneelstuk The Tik-Tok Man of Oz, en delen van dit verhaal kwamen terecht in de film Return to Oz uit 1985. Dit is ook het boek waarin Dorothy's achternaam voor het eerst valt. Haar verlangen naar huis is bovendien minder wanhopig dan in het eerste deel: ze gaat vooral terug omdat haar oom haar nodig heeft, niet omdat Oz haar bang maakt. Dat verschuift de toon van de reeks blijvend.
4 · Dorothy and the Wizard in Oz
Na haar reis uit het vorige deel gaat Dorothy met oom Henry naar familie in Californië. Op de ranch van de Hugsons rijdt ze in een rijtuigje met haar achterneef Zeb, het karrenpaard Jim en haar kat Eureka, wanneer de grond begint te schudden. Een aardbeving splijt de weg open en het hele gezelschap zakt met rijtuig en al de diepte in.
Ze komen terecht in het land van de Mangaboes, een volk van plantenmensen die aan ranken groeien en geplukt worden zodra ze rijp zijn. De Mangaboes zijn koud, humorloos en houden Dorothy en Zeb verantwoordelijk voor de beving die hun glazen huizen heeft beschadigd. Net wanneer het vonnis wordt geveld, daalt er een luchtballon neer met een bekende inzittende: de oude tovenaar uit de Smaragdstad, die aan het einde van het eerste boek de lucht in dreef en sindsdien spoorloos was. Hij redt zich er met goochelkunstjes uit, waaronder negen piepkleine biggetjes die hij uit zijn zakken tevoorschijn tovert, maar het uitstel is van korte duur.
De reizigers worden het donker in gejaagd en belanden zo in de ene na de andere onderaardse streek. In de Vallei van Voe eten de bewoners een vrucht die hen onzichtbaar maakt, wat handig is tegen de beren die daar rondzwerven maar het gesprek met gastheren bemoeilijkt. Op de Piramideberg woont de Gevlochten Man, die gaten fabriceert, en daarboven ligt het land van de Gargoyles: houten, zwijgende vliegende wezens die alleen op geluid reageren. Nog dieper wachten jonge draken en een grot zonder uitgang.
Dorothy heeft met Ozma een afspraak gemaakt die haar bij dat soort momenten uitkomst kan bieden. Elke dag om vier uur kijkt Ozma in haar magische schilderij om te zien hoe het met haar vriendin gaat, en een afgesproken handgebaar is genoeg om haar met de Gordel in veiligheid te brengen. Wat er in de Smaragdstad gebeurt zodra het gezelschap daar aankomt, is minstens zo vermakelijk als de tocht: er volgt een wedren tussen het houten Zaagpaard en het echte paard Jim, en er komt een rechtszaak waarin de kat Eureka terechtstaat voor het verdwijnen van een van de biggetjes.
Baum schreef dit vierde deel kort na de aardbeving van San Francisco in 1906 en verhuisde zelf naar Californië, wat het openingstafereel verklaart. Het is een van de twee oorspronkelijke Oz-boeken met illustraties in waterverf. Opvallend is dat het grootste deel van het verhaal buiten Oz speelt: van de twintig hoofdstukken zijn er maar zes in het sprookjesland zelf. Voor de reeks is het boek vooral belangrijk omdat de tovenaar terugkeert en besluit in Oz te blijven, waar hij bij Glinda echte magie wil leren in plaats van goocheltrucs. De humor zit vooral in de bijfiguren: het karrenpaard Jim moppert onophoudelijk over alles wat hij in Oz tegenkomt, en de kat Eureka is een van de weinige personages die zich nergens iets van aantrekt. Voor kinderen die de eerste twee delen kennen, is dit het boek waarin het gezelschap rond Ozma zich definitief vormt.
5 · The Road to Oz
Op een gewone dag in Kansas komt er een zwerver langs de boerderij van de familie Gale. Hij noemt zichzelf de Shaggy Man, draagt kleren met rafels waar hij trots op is en vraagt Dorothy de weg naar het naburige plaatsje. Ze biedt aan hem een eindje te brengen, met Toto op sleeptouw. Bij een kruispunt waar de weg zich in zeven paden splitst, kiezen ze er een, en vanaf dat moment ligt Kansas achter hen.
Het eerste wat ze tegenkomen is een jongetje in matrozenpak dat Button-Bright heet en dat vrijwel altijd verdwaald is, omdat hij zelden weet waar hij vandaan komt of heen wil. Even later vinden ze Polychrome, de dochter van de Regenboog, die tijdens het dansen van de boog van haar vader is gegleden en is achtergebleven toen die weer naar de wolken steeg. Ze is licht, koud en altijd in beweging, en wil het liefst zo snel mogelijk omhoog.
Het viertal reist door een aaneenschakeling van kleine, eigenzinnige rijkjes. In Foxville wonen vossen die als mensen leven; hun koning vindt Button-Bright zo slim dat hij hem uit waardering een vossenkop geeft, die de jongen er niet meer af krijgt. In Dunkiton overkomt de Shaggy Man iets vergelijkbaars met een ezelskop. Daarna volgen de Musicker, uit wie bij elke ademhaling muziek klinkt, en de Scoodlers, die hun eigen hoofd losschroeven en als projectiel gebruiken. Pas aan de rand van de Dodelijke Woestijn, die Oz aan alle kanten omsluit en alles wat haar aanraakt tot stof maakt, wordt duidelijk hoe ze de oversteek moeten wagen.
Aan de andere kant wacht een feest. Ozma viert haar verjaardag in de Smaragdstad en heeft gasten uitgenodigd uit alle windstreken van haar wereld. Baum gebruikte die gelegenheid om personages uit zijn andere sprookjesboeken te laten opdraven, van de Kerstman tot koningin Zixi van Ix en de rubberen beer Para Bruin. Voor Dorothy betekent het een weerzien met vrijwel iedereen die ze in Oz kent, van Tik-Tok en Billina tot de Blikken Houthakker en Jack Pumpkinhead.
Dit vijfde deel uit 1909 is losser van bouw dan zijn voorgangers: het is meer een reisverslag met steeds nieuwe ontmoetingen dan een verhaal met één duidelijke tegenstander. Het is ook het enige Oz-boek dat op gekleurd papier werd gedrukt, waarbij elke kleur hoort bij het landsdeel waar de reizigers zich bevinden. Nieuw en blijvend zijn de Shaggy Man, Button-Bright en Polychrome, die in latere delen terugkeren. Wie van de reeks houdt om de rare volkjes en de rustige, vriendelijke toon, krijgt hier de meest uitgesproken versie daarvan. Dorothy reist hier voor de vierde keer naar Oz, en het is tekenend voor dit deel dat ze onderweg vrijwel geen echt gevaar loopt. Wat telt zijn de ontmoetingen: elk volkje heeft zijn eigen regels, en de reizigers moeten steeds opnieuw uitvogelen hoe je daar beleefd mee omgaat zonder een kop van een ander dier te krijgen.
6 · The Emerald City of Oz
Van alle Oz-boeken is dit het deel met de grootste inzet. Baum vertelt twee verhalen tegelijk, en dat had hij niet eerder gedaan. In het ene loopt een familiedrama in Kansas uit op een verhuizing, in het andere wordt in het diepste geheim een inval op Oz voorbereid.
Thuis bij Dorothy is de stemming somber. De cycloon uit het eerste boek heeft de boerderij vernield en oom Henry heeft zich diep in de schulden gestoken om te herbouwen. Als hij de hypotheek niet kan aflossen, raken hij en tante Em alles kwijt. Dorothy vertelt haar avonturen in Oz al jaren aan haar oom en tante, die geen woord geloven en haar voor een dromer houden. Nu neemt ze het heft in handen: ze vraagt Ozma of haar familie in Oz mag komen wonen, en met de magische Gordel worden Henry en Em naar de troonzaal gehaald. Wat volgt is een rondreis door het land, waarbij Dorothy haar oom en tante alle vreemde streken laat zien die ze zelf heeft leren kennen, van dorpen van porselein tot volkjes met de vreemdste gewoonten.
Ondertussen zit de Nomenkoning Roquat onder de grond te broeden op wraak. Hij wil zijn Gordel terug en denkt eindelijk een manier te hebben gevonden: een tunnel onder de Dodelijke Woestijn door, tot recht onder de Smaragdstad. Twee van zijn officieren weigeren mee te werken, wat hun slecht bekomt. De oude soldaat Guph krijgt de opdracht bondgenoten te zoeken, want tegen de tovenaars van Oz redt het Nomenleger het alleen niet. Hij reist naar de Whimsies, de Growleywogs en tot slot de Phanfasms, het gevaarlijkste volk van allemaal.
In Oz weet men van de dreiging, want in Ozma's magische schilderij is alles te zien. Wat het boek bijzonder maakt, is hoe Ozma daarop reageert. Ze weigert soldaten te sturen en wil niemand kwaad doen, ook haar vijanden niet, en de vraag is of een land dat principieel weerloos is zichzelf kan redden. Hoe die twee verhaallijnen bij elkaar komen, is de spanningsboog van het boek.
Dit zesde deel uit 1910 was bedoeld als slot van de reeks; Baum wilde over andere onderwerpen schrijven en sloot Oz aan het eind af van de buitenwereld. Geldgebrek dwong hem drie jaar later toch tot een vervolg. Het boek bevat meer dan de andere delen uitleg over hoe Oz is ingericht: er is geen geld, niemand werkt voor loon en iedereen deelt wat er is, een inrichting die lezers en critici sindsdien als een klein utopisch gedachte-experiment hebben gelezen. De toon is daardoor beschouwender dan in de eerdere delen, zonder dat het verhaal aan vaart verliest. Voor Dorothy zelf is dit het boek waarin haar twee werelden samenvallen. Tot nu toe reisde ze telkens heen en weer; nu staan haar oom en tante midden in het land waarover ze jarenlang vergeefs had verteld. Dat levert een paar van de aardigste scènes op, vooral wanneer nuchtere boerenmensen voor het eerst een stad van smaragd zien.
7 · The Patchwork Girl of Oz
Ojo woont met zijn zwijgzame oom Unc Nunkie in een armoedig hutje in de bossen van het Munchkinland. Ze eten wat het bos geeft en zien zelden iemand. Als het voedsel opraakt, gaan ze langs bij de buurman, de tovenaar Dr. Pipt, die na zes jaar roeren eindelijk zijn Levenspoeder af heeft: een middel dat levenloze dingen kan laten bewegen.
De vrouw van Pipt heeft van lapjes stof een meisje op ware grootte genaaid, dat als gehoorzame hulp in de huishouding moet dienen. Het poeder werkt, maar bij het tot leven wekken gaat er iets grondig mis. Een fles met een verstenende vloeistof valt om, en zowel de vrouw van de tovenaar als Ojo's oom verandert in steen. Dr. Pipt weet wel een tegenmiddel, alleen moet iemand daarvoor vijf zeldzame ingrediënten bij elkaar zoeken: een klavertje met zes blaadjes, de vleugel van een gele vlinder, water uit een donkere put, een druppel olie uit het lichaam van een levende man en drie haren uit de staart van een Woozy.
Ojo gaat op pad met het lappenmeisje, dat zichzelf Scraps noemt en zich niets gelegen laat liggen aan haar toekomst als dienstmeid. Ze is uitgelaten, eigenwijs en spuit voortdurend onzinrijmpjes. Mee gaat ook Bungle, een glazen kat die zichzelf buitengewoon mooi vindt en dat graag laat merken. Onderweg sluit een Woozy zich bij hen aan, een blokkig beest dat zijn haren best wil afstaan maar bij wie geen mens ze eruit krijgt.
De tocht voert langs eetlustige planten, een reus, volkjes die vanwege een misverstand op het punt van oorlog staan, en een put diep in een mijn. Er is één complicatie die als een schaduw over de reis hangt: het plukken van een klavertje met zes blaadjes is in Oz bij wet verboden, en Ojo weet dat. Wat hij daarmee doet, en hoe Ozma daarop reageert wanneer hij voor haar moet verschijnen, geeft het boek een morele kern die Baum verder nergens zo duidelijk uitwerkt.
Dit zevende deel verscheen in 1913, nadat Baum de reeks eigenlijk had willen beëindigen. In het voorwoord verzint hij een handige uitweg: Oz is afgesloten van de buitenwereld, maar Dorothy heeft hem het verhaal per draadloze telegraaf doorgegeven. Scraps werd meteen een publiekslieveling en keert in veel latere Oz-boeken terug; ze is ook het personage bij wie de Vogelverschrikker zijn hart verliest. Baum verfilmde het boek een jaar later zelf met zijn eigen filmmaatschappij. Van alle latere delen is dit misschien het speelsste, met woordgrappen, onzinpoëzie en een hoofdpersoon die zichzelf hardnekkig Ojo de Ongelukkige noemt. Voor Ojo is de tocht ook een leerschool in de wetten van Oz: hij ontdekt dat een goede reden niet automatisch een vrijbrief is, en dat Ozma daar heel precies in is. Dat maakt van dit deel, onder alle onzin door, het Oz-boek waarin het duidelijkst wordt hoe het land eigenlijk bestuurd wordt.
8 · Tik-Tok of Oz
Dit achtste deel heet naar de koperen machinemens, maar draait vooral om de Shaggy Man en zijn zoektocht naar zijn verdwenen broer. Die broer ging in Colorado onder de grond graven en werd nooit meer gezien; de Shaggy Man vermoedt dat de Nomenkoning hem gevangen houdt, en Ozma stuurt hem met de magische Gordel op weg.
Tegelijk komt er nog een tocht op gang. Koningin Ann Soforth regeert over Oogaboo, een piepklein koninkrijkje dat van de rest van het Winkieland is afgesneden, en ze vindt dat ze recht heeft op meer. Ze trommelt een leger op dat vrijwel uitsluitend uit officieren bestaat, met één enkele gewone soldaat, en trekt eropuit om Oz te veroveren. Verder aangespoeld op een vreemde kust is Betsy Bobbin, een meisje van ongeveer Dorothy's leeftijd, samen met haar trouwe muildier Hank. Zij belanden in het Rozenrijk, een grote kas waar bloemen als mensen leven en vreemdelingen niet worden geduld.
De wegen komen bij elkaar wanneer de Shaggy Man door het dak van die kas valt. Hij heeft een Liefdesmagneet bij zich die iedereen die hem ziet welwillend stemt, en daarmee redt hij de situatie. Het gezelschap groeit gestaag: de geplukte rozenprinses Ozga sluit zich aan, Polychrome de Regenboogdochter duikt weer op, en uit een put wordt Tik-Tok opgevist, die daar door de Nomenkoning in was gegooid. Zodra hij is opgewonden loopt en praat hij weer alsof er niets is gebeurd. Ook koningin Ann verliest haar veroveringsdrang zodra ze van de schatten in het Nomenrijk hoort.
De Nomenkoning ziet die optocht met stijgende onrust naderen. Doden kan hij niemand, want in Oz en omstreken gaat niemand dood, dus verzint hij omwegen: eerst een rubberland waarin de reizigers alle kanten op stuiteren, daarna de Holle Buis, een koker die dwars door de aarde naar de andere kant van de wereld loopt. Daar wonen wezens die zich niet graag laten storen, en hun opperste rechter Tititi-Hoochoo vindt dat het gebruik van die buis niet onbestraft kan blijven. Hij stuurt de reizigers terug in gezelschap van Quox, een loom draakje met een opdracht.
Baum baseerde dit deel op zijn toneelstuk The Tik-Tok Man of Oz, dat in 1913 in Los Angeles draaide, en dat is te merken aan de opzet met veel personages en snelle scènewisselingen. Betsy Bobbin komt hier voor het eerst voor en blijft daarna bij het vaste gezelschap van Oz horen. De eerste druk bevatte bovendien de eerste gedrukte kaart van Oz en de omliggende landen, al stond die per ongeluk gespiegeld afgedrukt, iets waar liefhebbers zich tot op de dag van vandaag over verbazen. Ook de naamgeving klopt niet helemaal: Tik-Tok staat op het omslag, maar hij is eerder een trouwe meeloper dan de spil van het verhaal. De echte drijvende kracht is de Shaggy Man, die zijn zoektocht zonder enig plan begint en zich uit elke klem redt met opgewektheid en zijn Liefdesmagneet.
9 · The Scarecrow of Oz
Van al zijn Oz-boeken was dit negende deel Baums eigen favoriet. Het begint ver van Oz, op een rustige dag voor de kust van Californië, waar de oude zeeman Cap'n Bill met zijn houten been en zijn jonge vriendin Trot een eindje gaan roeien. Een plotselinge draaikolk trekt hun bootje naar beneden en zet hen af in een grot onder water.
Uit die grot ontsnappen ze met hulp van een Ork, een vliegend wezen met een schroefachtige staart dat zelf ook de weg kwijt is. Op een eiland verderop woont een chagrijn die zich Pessim de Waarnemer noemt en die twee soorten bessen kweekt: de ene maakt je klein, de andere groot. Die vondst levert het gezelschap een manier op om verder te reizen. Onderweg komen ze Button-Bright weer tegen, de jongen uit The Road to Oz die nog steeds nergens de weg weet, en samen laten ze zich door vogels over de Dodelijke Woestijn dragen.
Ze landen in Jinxland, een hoek van Oz die door hoge bergen en een bodemloze kloof van de rest is afgesloten en waar dan ook niemand weet dat Ozma bestaat. De politieke geschiedenis van dat landje is kort en bloedig: de rechtmatige koning werd afgezet door zijn eerste minister, die op zijn beurt werd afgezet door de zijne, en de huidige heerser Krewl regeert met harde hand. Prinses Gloria, dochter van de afgezette koning, houdt van de tuinmansknecht Pon, terwijl Krewl haar liever uithuwelijkt aan de rijke, onsmakelijke Googly-Goo. Als die twee daarvoor de heks Blinkie inhuren, loopt het slecht af met iedereen die zich ermee bemoeit, en dat geldt ook voor Cap'n Bill.
Hulp komt uit onverwachte hoek. In het paleis van Glinda staat het Grote Boek der Gebeurtenissen, waarin alles wat in de wereld gebeurt op hetzelfde ogenblik wordt opgeschreven. De Vogelverschrikker leest daarin wat er in Jinxland aan de hand is en gaat op weg om Trot, Button-Bright en Cap'n Bill bij te staan, met een beetje magie van Glinda op zak. Voor een strooien man met een uitgesproken mening over zijn eigen hersens is dat een gevaarlijke onderneming.
Het boek verscheen in 1915 en is een bewerking van Baums stomme film His Majesty, the Scarecrow of Oz uit het jaar daarvoor. Cap'n Bill en Trot kende hij al uit twee eerdere boeken die niets met Oz te maken hadden; hier haalt hij ze zijn sprookjesland binnen, waar ze blijven. Anders dan in de vroege delen speelt er een liefdesgeschiedenis mee, iets wat Baum in zijn late Oz-boeken vaker deed. Het is een van de meest geliefde delen uit de reeks gebleven. Opvallend is verder hoe weinig Oz er in dit Oz-boek zit: Jinxland ligt binnen de grenzen, maar is zo afgesloten dat het zijn eigen wrede spelregels heeft. Pas als er hulp van buiten komt, blijkt hoe kwetsbaar de macht van koning Krewl in werkelijkheid is.
10 · Rinkitink in Oz
Het tiende deel valt uit de toon, en dat heeft een reden: Baum schreef het grootste deel ervan al rond 1905 als los sprookjesboek, zonder enige band met Oz. Pas toen hij in 1916 een nieuw Oz-boek moest leveren, haalde hij het manuscript uit de la en plakte er een Oz-slot aan vast. Het gevolg is dat vrijwel het hele verhaal buiten Oz speelt en er tot ver in het boek geen enkel bekend Oz-personage opduikt.
Hoofdpersoon is prins Inga van Pingaree, een klein eilandkoninkrijk dat leeft van de parelvisserij. Zijn vader, koning Kitticut, vertelt hem over drie magische parels die generaties lang in de familie zijn: de blauwe geeft bovenmenselijke kracht, de roze beschermt de drager tegen elk kwaad, en de witte spreekt wijze raad. Met die parels wist Kitticut ooit een invasie van de naburige eilanden Regos en Coregos af te slaan.
Dan komt de dikke, vrolijke koning Rinkitink van Gilgad op bezoek. Hij is uitgesproken lui, lacht om alles en rijdt op Bilbil, een pratende geit met een uitgesproken slecht humeur. Terwijl hij als gast op Pingaree verblijft, vallen de legers van Regos en Coregos opnieuw aan. Deze keer wordt Kitticut overrompeld voor hij bij de parels kan komen. Het hele volk wordt als slaaf weggevoerd; alleen Inga, Rinkitink en Bilbil ontkomen, omdat niemand hen opmerkt.
Inga vindt de parels terug in de puinhopen, verstopt ze in zijn schoenen en houdt hun bestaan geheim, ook voor Rinkitink. Met z'n drieën varen ze naar Regos om het volk van Pingaree te bevrijden en Inga's ouders terug te vinden. De wrede koning Gos en zijn even wrede echtgenote, koningin Cor van Coregos, zijn geen partij voor een jongen die niet gewond kan raken. Maar magie die in een schoen zit, kan ook uit een schoen raken, en juist dat gegeven drijft het middendeel van het boek. De tocht voert het gezelschap uiteindelijk naar het ondergrondse rijk van de Nomen, waar koning Kaliko regeert en waar beloften aan de verkeerde mensen zwaarder wegen dan gastvrijheid.
Pas in de slothoofdstukken komt Oz in beeld, wanneer Dorothy en de tovenaar zich ermee gaan bemoeien. Voor lezers die de reeks in volgorde doornemen is dit daarom een vreemde eend: minder grappen en rare volkjes, meer een klassiek avonturenverhaal over een jongen die zijn land moet redden. Rinkitink zelf, die nooit iets wil ondernemen en voortdurend liedjes zingt over eten, is een van Baums geslaagdste komische figuren. Van de geit Bilbil valt in de loop van het verhaal meer te zeggen dan hij zelf loslaat. Wie de reeks aan kinderen voorleest, kan dit deel op elk moment inschuiven: het veronderstelt nauwelijks kennis van de eerdere boeken. Het gaat over trouw, over moed zonder grootspraak en over de vraag wat je met macht doet als je die per ongeluk in handen krijgt.
11 · The Lost Princess of Oz
Dorothy staat 's ochtends op en merkt dat Ozma niet in haar kamer is. Ze is niet in het paleis, niet in de tuinen en niet in de stad. Op hetzelfde moment ontdekt Glinda in haar paleis in het zuiden dat haar Grote Boek der Gebeurtenissen verdwenen is, samen met al haar toverspullen. Als de tovenaar zijn eigen gereedschap wil aanbieden om te helpen zoeken, blijkt dat ook dat weg is. In één nacht is Oz zijn heerseres en vrijwel al zijn magie kwijt.
Er worden zoekgroepen gevormd. Dorothy en de tovenaar trekken met Button-Bright, Trot, Betsy Bobbin en de gebruikelijke vrienden westwaarts door het Winkieland, het deel van Oz waar het slechtst kaartmateriaal van bestaat. Onderweg komen ze in stadjes die nog nooit iemand had bezocht: Thi, waar de inwoners uitsluitend met dominostenen betalen, en Herku, waar een uitgemergelde vorst giganten als knechten houdt dankzij een zelf uitgevonden krachtmiddel. Van hem horen ze voor het eerst een naam die iets verklaart: Ugu de Schoenmaker, een man die uit oude boeken van zijn voorouders heeft leren toveren.
Intussen loopt er een tweede zoektocht. In een uithoek van het Winkieland woont Cayke de koekjesbakster, wier gouden bakpan is gestolen. Zonder die pan smaken haar koekjes nergens naar, en dat is voor haar een ramp van dezelfde orde als het verlies van Ozma. Ze gaat op pad met de Kikkerman, een mensgrote kikker in een keurig pak die zich door iedereen laat aanspreken als de wijste bewoner van zijn dorp en zelf ook stellig gelooft dat hij dat is. Hoe zijn zelfvertrouwen zich verhoudt tot zijn werkelijke verdiensten, is een van de aardigste lijnen van het boek.
De twee gezelschappen vinden elkaar, en samen staan ze voor het kasteel van Ugu, dat hij met gestolen magie heeft opgetrokken en verdedigt. Daar begint een aaneenschakeling van betoveringen en tegenzetten, waarbij het gezelschap moet bedenken hoe je iemand aanpakt die over vrijwel alle toverkracht van het land beschikt terwijl jij die van jou kwijt bent.
Baum vertelt in zijn voorwoord waar dit elfde deel uit 1917 vandaan komt: een meisje schreef hem dat als Ozma ooit gewond zou raken of zoek zou raken, iedereen dat vreselijk zou vinden. Dat idee werkte hij uit tot een van de best opgebouwde verhalen uit de late reeks, met een duidelijk raadsel dat pas op het eind wordt opgelost en met twee verhaallijnen die elkaar netjes aanvullen. De Kikkerman en Cayke keerden later terug in boeken van andere schrijvers die de reeks voortzetten. Wat het boek bovendien aardig maakt, is hoe gewoon de bewoners van Oz reageren op een ramp van deze omvang: er wordt overlegd, er worden groepen ingedeeld en er wordt gewoon op pad gegaan, alsof het om een zoekgeraakte sleutelbos gaat. Die nuchterheid maakt de dreiging eerder groter dan kleiner.
12 · The Tin Woodman of Oz
Aan het begin van dit twaalfde deel zitten de Blikken Houthakker en de Vogelverschrikker elkaar verhalen te vertellen in het tinnen kasteel van de Houthakker, die inmiddels over het Winkieland regeert. Er komt een jongen binnenwandelen, Woot de Zwerver, die honger heeft en nieuwsgierig is. Als hij eenmaal gegeten heeft, stelt hij de vraag die nog niemand zo rechtstreeks had gesteld: hoe komt het eigenlijk dat u van blik bent?
Het antwoord is het verhaal dat Baum in 1900 al kort had aangestipt. De Houthakker was ooit een gewone Munchkin, Nick Chopper, verliefd op Nimmie Amee, die onder de hoede stond van de Boze Heks van het Oosten. Die heks betoverde zijn bijl, zodat hij bij elke slag een eigen lichaamsdeel afhakte; de blikslager Ku-Klip verving telkens wat verloren ging door een tinnen exemplaar. Toen ook zijn romp aan de beurt was geweest, had hij geen hart meer, en zonder hart meende hij Nimmie Amee niet meer te kunnen liefhebben. Hij liet haar achter en is nooit teruggegaan.
Woot merkt fijntjes op dat een nieuw hart wel goedheid kan geven maar blijkbaar geen trouw, en die opmerking laat de Houthakker niet los. Hij besluit naar het Munchkinland te reizen om Nimmie Amee te zoeken en haar alsnog ten huwelijk te vragen. De Vogelverschrikker en Woot gaan mee. Onderweg raken ze verzeild bij de Loons, opgeblazen wezens die knappen als je ze te hard aanpakt, en in de vallei van mevrouw Yoop, een reuzin die bezoekers in dieren verandert omdat ze dat grappig vindt. Bij haar treffen ze Polychrome aan, die hetzelfde is overkomen.
De zoektocht levert onderweg iets op wat niemand verwachtte: een tweede tinnen man, kapitein Fyter, die op precies dezelfde manier van vlees in blik is veranderd, en die ook op Nimmie Amee verliefd was. De twee besluiten dat zij zelf maar moet kiezen. Bij de werkplaats van blikslager Ku-Klip komen ze er bovendien achter wat er in al die jaren met hun oude, afgedankte lichaamsdelen is gebeurd, en dat is een van de merkwaardigste vondsten uit de hele reeks.
Dit was het laatste Oz-boek dat tijdens Baums leven verscheen; hij stierf in 1919. Na jaren van dalende verkoopcijfers deed het boek het onverwacht goed, wat ook de oudere delen weer in de belangstelling bracht. Inhoudelijk is het een van de vreemdste en tegelijk meest doordachte delen: onder de grappen door stelt Baum de vraag wie je nog bent wanneer je stukje bij beetje door iets anders bent vervangen. Het antwoord dat de Houthakker aan het eind van zijn reis krijgt, is niet het antwoord waarop hij hoopte. Voor jonge lezers blijft het vooral een reisverhaal met rare tussenstops en veel gepraat tussen twee oude vrienden die elkaar uitstekend liggen. Voor oudere lezers zit er een verhaal onder over spijt, en over hoe lang je kunt wachten met het rechtzetten van iets wat je verkeerd hebt gedaan.
13 · The Magic of Oz
Boven op de Munchberg woont een volkje dat de Hyups heet, en daar deed de Munchkin Bini Aru ooit een ontdekking die hij beter voor zich had kunnen houden. Door één woord uit te spreken, Pyrzqxgl, kan hij mensen en dingen in alles veranderen wat hij wil. Toen Ozma besloot dat niemand in Oz nog mocht toveren behalve Glinda en de tovenaar, schreef Bini de juiste uitspraak op en verstopte het briefje in zijn werkkamer.
Zijn zoon Kiki Aru vindt het. Kiki verveelt zich, wil de wereld zien en verandert zichzelf in een havik om over de Dodelijke Woestijn te vliegen. In het land Ev ontdekt hij iets wat hij niet kende: geld, en de noodzaak ervan. Een kleine diefstal loopt uit op een gesprek waarin hij zichzelf hardop hoort zeggen dat hij het wel prettig vindt om slecht te zijn. Dat gesprek wordt afgeluisterd door Ruggedo, de voormalige Nomenkoning die in een eerder deel uit zijn ondergrondse rijk is verbannen en sindsdien op wraak zint. Hij ziet meteen wat hij aan een jongen met zo'n toverwoord heeft.
De twee vliegen als vogels Oz binnen, zodat Glinda's boek hen niet opmerkt. Hun plan is een leger te ronselen onder de wilde dieren van het Gillikinland. In het woud van Gugu, waar een luipaard koning is, verschijnen ze in de gedaante van vreemde fabeldieren en vertellen ze dat de mensen uit de Smaragdstad van plan zijn alle dieren tot slaaf te maken. Ruggedo belooft dat hij de dieren in mensen kan veranderen en de stadsmensen in dieren, en om dat te bewijzen laat hij Kiki een eenhoorn omtoveren. Gugu roept de andere diersoorten bijeen om over oorlog te beslissen.
Juist op dat moment komen Dorothy en de tovenaar het woud binnenlopen, met de Laffe Leeuw en de Hongerige Tijger. Ze zijn er om apen te lenen voor een verrassing op Ozma's verjaardag en hebben geen idee wat er speelt. Ruggedo herkent zijn oude tegenstanders onmiddellijk. Tegelijk lopen elders in Oz Cap'n Bill en Trot vast op een magisch eiland waar alles wat leeft en de grond aanraakt wortel schiet, terwijl ze een zeldzame bloem voor Ozma wilden plukken.
Baum overleed een maand voor dit dertiende deel in 1919 verscheen. Het is een van de snellere boeken uit de reeks, met veel gedaantewisselingen en twee verhaallijnen die naar hetzelfde verjaardagsfeest toewerken. Het toverwoord Pyrzqxgl is beroemd geworden bij lezers die er hun tong over breken; in het boek is de uitspraak ervan een echt plotgegeven, want wie het verkeerd zegt bereikt niets. Ook de Vergeetbron uit The Emerald City of Oz speelt hier opnieuw een rol. Wat dit deel verder kenmerkt is de losse omgang met gedaanten: bijna iedereen is op enig moment iets anders dan een mens, en de spanning zit in de vraag wie op het beslissende moment het toverwoord correct kan uitspreken. Dorothy blijft daarbij, zoals altijd, opvallend kalm onder alles wat haar overkomt.
14 · Glinda of Oz
Het veertiende en laatste Oz-boek van Baum verscheen in 1920, kort na zijn dood, en is het donkerste deel van de reeks. Er wordt niet gereisd om iets grappigs te vinden, maar om een oorlog te voorkomen.
In een afgelegen hoek van Oz, waar zelfs Ozma nauwelijks gezag heeft, staan twee volken tegenover elkaar: de Skeezers, die op een eiland in een meer wonen onder een koepel van glas, en de Flatheads, die op een bergplateau leven en hun hersens los in een blikje bij zich dragen. Hun leiders hebben allebei toverkracht, allebei een grief en allebei geen zin om toe te geven. Ozma vindt dat ze als heerseres van Oz verplicht is in te grijpen en reist erheen, met Dorothy als enige gezelschap. Glinda waarschuwt dat het onverstandig is, maar laat hen gaan.
De twee vorsten zijn niet van plan zich iets aan te trekken van een meisje uit de Smaragdstad, hoe machtig ze zich ook noemt. Koningin Coo-ee-oh van de Skeezers weet als enige hoe het glazen eiland op en neer bewogen kan worden, en gebruikt die kennis zodra het haar uitkomt. Het gevolg is dat Ozma en Dorothy samen met alle eilandbewoners onder water komen te zitten, in een stad die niemand nog kan openen. Wanneer de strijd met de Flatheads voor Coo-ee-oh verkeerd uitpakt, raakt de kennis om het eiland te laten stijgen zoek, en zitten de gevangenen echt vast.
Vanaf dat punt verandert het boek van reisverhaal in reddingsverhaal. Dorothy en Ozma slagen erin een boodschap naar buiten te krijgen, en Glinda trekt met een gezelschap noordwaarts: de tovenaar, de Vogelverschrikker, de Blikken Houthakker, Betsy, Trot, Button-Bright en anderen. Onderweg moeten ze niet alleen de weg vinden, maar ook de drie magiërs opsporen die ooit betrokken waren bij de bouw van het eiland, want zonder hun kennis lukt het niet. Een van hen is Reera de Rode, een grillige tovenares die niemand helpt tenzij ze zelf zin heeft, en de manier waarop Glinda haar benadert is een van de mooiste scènes uit het boek.
Baums manuscript is door zijn uitgever op één punt aangepast: Reera verscheen oorspronkelijk als een skelet met gloeiende ogen, wat te eng werd gevonden, en werd een aap in een schort met kant. Het boek geeft ook meer achtergrond over Oz zelf en over Ozma's afkomst als fee. Na Baums dood zette de uitgeverij de reeks voort met andere schrijvers, te beginnen met Ruth Plumly Thompson, maar dit is het laatste deel van de hand van de bedenker. Glinda of Oz is daarmee een passend slot: het boek gaat over grenzen aan macht, over vorsten die niet willen luisteren en over de vraag wat een heerser doet als praten niet helpt. Dorothy en Ozma zijn hier minder toeschouwer dan in eerdere delen; ze zitten zelf klem, en anderen moeten hen komen halen.
ISBN en EAN per deel
Dit zijn de nummers van de Nederlandse edities waar we hierboven naar linken. Bij boeken is de EAN (de streepjescode) hetzelfde nummer als het ISBN-13. Andere drukken en uitgaven hebben een eigen ISBN.
| Nr. | Titel en editie | ISBN-13 / EAN | ISBN-10 |
|---|---|---|---|
| 1 | The Wonderful Wizard of Ozbol.com: English Nederlands- The Wonderful Wizard of Oz / De wonderbaarlijke tovenaar van Oz | 9783692292571 | 3692292570 |
| 2 | The Marvelous Land of Ozbol.com: The Marvelous Land of Oz | 9781545063767 | 1545063761 |
| 3 | Ozma of Ozbol.com: Ozma of Oz | 9781533385284 | 1533385289 |
| 4 | Dorothy and the Wizard in Ozbol.com: Dorothy and the Wizard in Oz | 9781782263081 | 178226308X |
| 5 | The Road to Ozbol.com: Road to Oz | 9781782263098 | 1782263098 |
| 6 | The Emerald City of Ozbol.com: Emerald City of Oz | 9781782263104 | 1782263101 |
| 7 | The Patchwork Girl of Ozbol.com: Patchwork Girl of Oz | 9781782263111 | 178226311X |
| 8 | Tik-Tok of Ozbol.com: Tik-Tok of Oz | 9780486280028 | 0486280020 |
| 9 | The Scarecrow of Ozbol.com: Scarecrow of Oz | 9781782263135 | 1782263136 |
| 10 | Rinkitink in Ozbol.com: Rinkitink in Oz | 9781979676915 | 1979676917 |
| 11 | The Lost Princess of Ozbol.com: Lost Princess of Oz | 9781782263159 | 1782263152 |
| 12 | The Tin Woodman of Ozbol.com: Tin Woodman of Oz | 9781782263166 | 1782263160 |
| 13 | The Magic of Ozbol.com: Magic of Oz | 9781782263173 | 1782263179 |
| 14 | Glinda of Ozbol.com: Glinda of Oz | 9781782263180 | 1782263187 |
Veelgestelde vragen
In welke volgorde lees ik de Oz-boeken?
Begin bij The Wonderful Wizard of Oz (1900) en lees door tot en met Glinda of Oz (1920), zoals in de tabel. Dat is de volgorde waarin Baum ze schreef.
Moet ik de boeken op volgorde lezen?
Het hoeft niet strikt: elk boek heeft een eigen avontuur. Maar personages die in het ene boek worden geïntroduceerd, komen later terug, en de geschiedenis van Oz wordt steeds verder uitgebouwd. Op volgorde lezen is daarom het prettigst.
Hoeveel Oz-boeken zijn er?
Baum schreef er veertien. Met de vervolgen van Ruth Plumly Thompson en anderen bij dezelfde uitgever zijn het er veertig, de Famous Forty.
Hoe heet het eerste boek in het Nederlands?
The Wonderful Wizard of Oz heet in het Nederlands De tovenaar van Oz.
Is de film hetzelfde als het boek?
Nee. De film uit 1939 volgt het eerste boek in grote lijnen, maar laat veel weg en verandert dingen. Wie het boek leest, komt meer avonturen en personages tegen.